Staatssecretaris geeft uitsluitsel over btw: meeste eigenaren zonnepanelen gaan er niet op achteruit door nieuwe kleineondernemersregeling

Geschreven door admin op . Geplaatst in Geen categorie

Eigenaren van zonnepanelen gaan er definitief niet op achteruit door de invoering van de nieuwe kleineondernemersregeling. Dat blijkt uit een publicatie van staatssecretaris Menno Snel (ministerie van Financiën).

Per 1 januari 2020 gaat de nieuwe kleine-ondernemersregeling (KOR) van start. Het ministerie beoogt hiermee dat de Nederlandse wetgeving aansluit bij de Europese wetgeving.

In september 2018 stelde de staatssecretaris van Financiën dat de nieuwe KOR naar verwachting geen effect zou hebben op particuliere eigenaren van zonnepanelen. Afgelopen december berichtte de redactie van Solar Magazine echter dat de staatssecretaris de Tweede Kamer foutieve informatie verschafte. Zonnepaneeleigenaren zouden er mogelijk wel op achteruitgaan. Romano Hagen van de Centrale BTW Teruggave riep daarbij de staatssecretaris op om de voor zonnepaneeleigenaren belangrijke herzieningsvrijstelling aan te passen zodat het rendement voor zonnepaneeleigenaren geborgd zou zijn.

Overleg werpt vruchten af
Als direct gevolg van het artikel in Solar Magazine is er contact geweest tussen het ministerie van Financiën, Holland Solar, de Centrale BTW Teruggave en Vereniging Eigen Huis. Dat heeft inmiddels zijn vruchten afgeworpen met een officiële publicatie van Snel in de Staatscourant als gevolg. Die publicatie bevat een voor zonnepaneeleigenaren zeer belangrijke toevoeging over de zogenaamde herzieningsgrens. ‘Aan artikel 13, vierde lid, wordt toegevoegd “, (…) met dien verstande dat (…) de herziening (…) in ieder geval achterwege blijft wanneer het bedrag van de herziening in dat boekjaar minder is dan 500 euro.’, aldus de officiële publicatie van het ministerie van Financiën.

Toevoeging op de regeling
Samenvattend moeten consumenten die een beroep doen op de nieuwe KOR in ieder van de 4 jaren na het jaar van aanschaf van de zonnepanelen een deel van de in het verleden in aftrek gebrachte btw terugbetalen. Deze terug te betalen btw bedraagt 20 procent per jaar. Daarbij is er echter een drempel van 500 euro per boekjaar. Dit betekent dat wanneer de terug te betalen btw per boekjaar lager is dan 500 euro, er geen btw terugbetaald hoeft te worden.

Hagen geeft een rekenvoorbeeld: stel dat de btw-teruggave 1.000 euro bedraagt en de zonnepaneeleigenaar een beroep doet op de nieuwe KOR (red. ingaande in het jaar na aanschaf), dan dient ieder van de 4 opvolgende jaren 200 euro btw terugbetaald te worden. Het bedrag van 200 euro is echter lager dan de drempel van 500 euro, zodat er feitelijk geen btw terugbetaald hoeft te worden. Dit betekent in de praktijk dat wanneer de btw die op de zonnepanelen rust minder dan 2.500 euro bedraagt, er geen btw terugbetaald hoeft te worden. Dat is het geval bij een investering tot 11.904 euro exclusief btw (red. 14.404 euro inclusief btw).

Probleem opgelost?
‘In eerste instantie leek de nieuwe KOR gecompliceerd en veel extra werk met zich mee te brengen. De regeling is nu echter teruggebracht tot een behapbaar niveau’ stelt Romano Hagen van de Centrale BTW Teruggave. ‘Met de nieuwe regeling zal 95 procent van de (nieuwe) zonnepaneeleigenaren prima geholpen zijn. Er zijn echter nog veel vragen die in de praktijk van belang kunnen zijn voor een juiste afwikkeling van de btw-teruggave. Daarbij valt te denken aan mensen die verhuizen binnen de herzieningsperiode. Zij dienen in principe de resterende herzienings-btw in het geheel terug te betalen. Deze en nog vele andere vragen worden aan het ministerie voorgelegd, zodat er straks duidelijkheid en rechtszekerheid komt. We hopen samen met Holland Solar en Vereniging Eigen Huis de sector daarover later meer te kunnen vertellen.

Vaststaat in ieder geval dat de herzieningsgrens van 500 euro per boekjaar goed nieuws is voor de zonnepaneeleigenaar, maar ook voor de installateur. De btw-regeling wordt in gewijzigde vorm gecontinueerd wat een run op zonnepanelen aan het einde van dit kalenderjaar zal voorkomen. De zonne-energiemarkt zal zich hierdoor stabiel kunnen blijven ontwikkelen.’

Salderingsregeling voor zonnepanelen verlengd tot 2023, daarna stapsgewijze afbouw tot 2031

Geschreven door admin op . Geplaatst in Geen categorie

Minister Wiebes meldt dat de salderingsregeling voor zonnepanelen in haar huidige vorm verlengd wordt tot 2023. Vanaf dat jaar wordt het salderen tot 2031 stapsgewijs afgebouwd.

Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat meldde de Tweede Kamer afgelopen januari nog dat de salderingsregeling gehandhaafd zou blijven tot ten minste 1 januari 2021. Op die datum zou een nieuwe regeling – de terugleversubsidie – van start moeten gaan. Afgelopen januari meldde de minister echter dat diverse partijen hem hadden gewezen op substantiële bezwaren tegen de invoering van de terugleversubsidie. Zo noemde Eneco de terugleversubsidie een administratieve draak en trok het energiebedrijf zijn steun voor de terugleversubsidie in. Met de keuze van minister Wiebes om de salderingsregeling te handhaven, is de invoering van de terugleversubsidie definitief van de baan.

Stapsgewijze afbouw salderingsregeling
De stapsgewijze afbouw van de salderingsregeling zorgt ervoor dat zonnepaneeleigenaren vanaf 2023 de opgewekte zonnestroom die wordt teruggeleverd aan het elektriciteitsnet niet meer voor 100 procent mogen verrekenen met de aangekochte elektriciteit. Waar dit nu nog wel het geval is, wordt de vergoeding voor de teruggeleverde zonnestroom vanaf 2023 opgesplitst in enerzijds een vergoeding voor de elektriciteit die betaald wordt door het energiebedrijf en anderzijds een vergoeding van de overheid voor de energiebelasting. De overheid  zal vanaf 2023 een steeds kleiner deel van de energiebelasting terugbetalen aan zonnepaneeleigenaren. De afbouw van de salderingsregeling geldt dus uitsluitend voor elektriciteit die aan het elektriciteitsnet wordt teruggeleverd en dus niet op het directe eigen verbruik achter de meter.

Minister Wiebes schrijft in zijn brief aan de Tweede Kamer hierover het volgende: ‘Vanaf 1 januari 2023 wordt de salderingsregeling stapsgewijs afgebouwd, waarbij de hoogte van het fiscale voordeel geleidelijk afneemt tot nul in 2031. … De verwachte kostprijsdalingen van zonnepanelen richting 2030 maken investeren in zonnepanelen ook zonder subsidie via de salderingsregeling voldoende financieel aantrekkelijk. Op de lange termijn zullen naar huidige verwachting de inkomsten uit de vermeden inkoop van elektriciteit door het direct eigen verbruik en de terugleververgoeding van de leverancier voldoende zijn om zonnepanelen voor kleinverbruikers rendabel te laten zijn.’

Tom van der Lee: ‘Uitwerking met interesse bekijken’
GroenLinks-Kamerlid Tom van der Lee reageert positief op het besluit van de minister: ‘Ik heb tijdens er debatten  meerdere malen op aangedrongen dat de salderingsregeling blijft voortbestaan, in ieder geval tot 2023. Het voortbestaan van de salderingsregeling zorgt voor zekerheid en dus meer zonnepanelen. De uitwerking van het plan zal ik met interesse bekijken.’

Belastingdienst krijgt belangrijke verantwoordelijkheid
Uit een eerste appreciatie van de Belastingdienst blijkt volgens minister Wiebes dat de afbouw van salderen waarschijnlijk uitvoerbaar is voor de Belastingdienst, mits alle kleinverbruikers beschikken over meters met een dubbel telwerk: één voor afname van elektriciteit van het elektriciteitsnet en één voor terugleveren op het elektriciteitsnet. ‘Voor het correct doen van aangifte voor de energiebelasting door energieleveranciers is het namelijk noodzakelijk dat zowel de levering als de teruglevering afzonderlijk bekend is bij de energieleverancier. Formele uitspraken over de uitvoerbaarheid door de Belastingdienst verlopen via een uitvoeringstoets. Dit traject vindt in beginsel plaats in de fase dat de wetgeving in concept gereed is en duurt 8 weken. De energieleveranciers hebben al aangegeven de afbouw van salderen goed te kunnen uitvoeren.’

De netbeheerders hebben daarnaast volgens de minister aangegeven dat het mogelijk is om voor 1 januari 2023 iedereen te voorzien van een geschikte meter. Op dat moment kan de afbouw van de salderingsregeling starten. Om te zorgen dat iedereen vanaf 2023 daadwerkelijk een geschikte meter heeft, wordt het vanaf 1 januari 2023 verplicht een meter met minimaal 2 aparte telwerken voor levering en teruglevering te hebben. Deze verplichting zal uiterlijk 1 januari 2021 in de wetgeving worden opgenomen, zodat deze meters tijdig – uiterlijk 1 januari 2023 – uitgerold kunnen zijn. Wiebes hierover: ‘Alle kleinverbruikers die nog geen meter met minimaal 2 aparte telwerken voor levering en teruglevering hebben, krijgen deze vóór 2023 aangeboden door de netbeheerder. Door geen slimme meter te vereisen, maar mensen ook de gelegenheid te bieden om een meter die niet op afstand uitgelezen wordt te nemen, wordt tegemoetgekomen aan hen die zich zorgen maken over de privacy-aspecten van een slimme meter.’

Afbouwpad eind 2019 bekend
De komende maanden zal het kabinet de vormgeving van de salderingsregeling vanaf 2023 verder uitwerken. ‘Het exacte afbouwpad zal eind 2019 worden vastgesteld, zodat ook de laatste inzichten uit de Klimaat- en Energie Verkenning 2019 (KEV 2019) kunnen worden meegenomen’, aldus minister Wiebes. ‘Het uitgangspunt is dat het afbouwpad resulteert in hetzelfde totale budget tot en met 2030 ten opzichte van het beschikbare budget voor de oorspronkelijk beoogde subsidieregeling uit het regeerakkoord. Over de gehele periode tot en met 2030 blijft dus hetzelfde budget voor de stimulering van hernieuwbare elektriciteit bij kleinverbruikers beschikbaar. Dit is in totaal circa 2,6 miljard euro.’

Voor huishoudens die al zonnepanelen hebben of deze kabinetsperiode nog investeren in zonnepanelen, is de verwachting dat bij de geleidelijke afbouw van de salderingsregeling een gemiddelde terugverdientijd van circa 7 jaar gehandhaafd blijft. ‘Deze verwachting is gebaseerd op de huidige inzichten, onder andere ten aanzien van de ontwikkeling van de elektriciteitsprijs’, schrijft minister Wiebes in zijn Kamerbrief. ‘Voor investeringen in zonnepanelen die na deze kabinetsperiode worden gedaan, is de verwachting op basis van de huidige inzichten, dat de terugverdientijd iets kan oplopen tot boven de 7 jaar. Uit de evaluatie van de salderingsregeling uit 2016 is onder andere gebleken dat men bereid is te investeren in zonnepanelen als de terugverdientijd tussen circa 5 en 9 jaar is. Bovenstaande verwachting wordt geactualiseerd met de laatste inzichten uit de Klimaat- en Energie Verkenning 2019 (KEV 2019).’

Wiebes bevestigt: salderingsregeling gehandhaafd tot 1 januari 2021, terugleversubsidie op losse schroeven

Geschreven door admin op . Geplaatst in Geen categorie

Minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat heeft de Tweede Kamer gemeld dat de salderingsregeling gehandhaafd blijft tot ten minste 1 januari 2021. Op die datum moet een nieuwe regeling van start gaan.

In de brief aan de Tweede Kamer meldt de minister dat het zijn streven is om aan het einde van het eerste kwartaal van 2019 met een concreet uitgewerkt voorstel voor de omvorming van het huidige salderen te komen. ‘Duidelijkheid op deze termijn is nodig om tijdig een wetswijziging en de implementatie van de nieuwe regeling te kunnen realiseren’, aldus Wiebes wiens doel het dus is dat het de nieuwe regeling per 1 januari 2021 van start gaat, maar mogelijkerwijs zal dit dus pas nog later het geval zijn.

Mogelijk alternatief voor terugleversubsidie
Wiebes meldt ook dat diverse partijen de minister inmiddels hebben gewezen op substantiële bezwaren tegen de invoering van de terugleversubsidie, de beoogde vervanger van de salderingsregeling. De minister schrijft hierover: ‘Bij de nadere uitwerking van de terugleversubsidie, in nauw overleg met de betrokken partijen, is de afgelopen maanden echter gebleken dat de uitvoering complexer is dan in eerste instantie gedacht. Verschillende partijen hebben inmiddels hun ernstige zorgen over de uitvoering van de terugleversubsidie met mij gedeeld. Momenteel onderzoek ik hoe de zorgen met betrekking tot de uitvoering kunnen worden weggenomen, dan wel of er een werkbaar alternatief instrument kan worden vormgegeven.’

‘Ook heb toegezegd om bij de vormgeving van de nieuwe regeling rekening te houden met ten minste de doelgroepen utiliteit en energiecoöperaties’, vervolgt Wiebes. ‘Vanuit praktisch oogpunt blijf ik streven naar een regeling die zoveel mogelijk doelgroepen kan bedienen. Daarmee beoog ik ook invulling te geven aan de afspraak uit het regeerakkoord om te komen tot een regeling voor energiecoöperaties die het mogelijk maakt dat omwonenden makkelijker kunnen participeren in duurzame energieprojecten in hun directe omgeving. Daarom zal ik ook nu in de verdere uitwerking onderzoeken in hoeverre de nieuwe regeling een adequate stimulans voor deze doelgroepen biedt.’

Energiebedrijf Eneco meldde afgelopen september tegenover de redactie van Solar Magazine al zijn steun in te trekken voor de invoering van de terugleversubsidie. De inrichting van de subsidie die de Rijksoverheid voor ogen heeft, maakt het volgens Eneco tot ‘een administratieve draak’. ‘RVO.nl moet straks vele honderdduizenden aanvragen verwerken, van bestaande en van nieuwe zonnepaneeleigenaren. Bovendien zullen er jaarlijks vele tienduizenden mutaties plaatsvinden door verhuizingen en consumenten die kiezen voor een andere energieleverancier. Op het moment dat de keuze gemaakt werd voor het invoeren van de terugleversubsidie was deze complexiteit niet voorzien’, aldus destijds Tonny van Oosterhout, advisor regulatory & public affairs bij energiebedrijf Eneco.

Over de terugleversubsidie
Minister Wiebes heeft de Tweede Kamer in juni 2018 per brief geïnformeerd dat de salderingsregeling voor zonnepanelen vervangen wordt door een terugleversubsidie. De terugverdientijd van zonnepanelen blijft daarbij circa 7 jaar. De terugleversubsidie is een vergoeding voor de stroom die aan het elektriciteitsnet is teruggeleverd. De opgewekte stroom zelf verbruiken blijft aantrekkelijk, omdat huishoudens en bedrijven hierover ook na 2020 geen energiebelasting en geen Opslag Duurzame Energie (ODE) betalen. In 2020 moet de regeling de huidige salderingsregeling vervangen, waarbij jaarlijks van tevoren een subsidieplafond wordt vastgesteld. Wiebes heeft in september 2018 echter al aangegeven dat de salderingsregeling naar alle waarschijnlijkheid pas in 2021 zou worden vervangen omdat de implementatie van de terugleversubsidie meer tijd vergt en dat heeft de minister nu dus bevestigd. Nu opent de minister echter ook de deur voor een alternatief instrument dan de terugleversubsidie.

Teruggavetermijn btw bij zonnepanelen beperkt tot 6 maanden

Geschreven door admin op . Geplaatst in Geen categorie

Vereniging Eigen Huis meldt dat de termijn waarbinnen consumenten de btw kunnen terugvragen op de aanschaf en installatie van zonnepanelen wordt beperkt tot 6 maanden na afloop van het jaar van aankoop.

Eigen Huis baseert zich op een mededeling van staatssecretaris van Financiën Menno Snel (red. Regeling van de staatssecretaris van Financiën van 31 december 2018 tot wijziging van enige uitvoeringsregelingen op het gebied van belastingen en toeslagen). Voor de aanvraag voor de teruggave van de btw op de aanschaf en installatie van zonnepanelen gold tot 1 januari 2019 geen uiterlijke termijn. Met de aanpassing is er nu alsnog een termijn van 6 maanden gekomen. Wie als consument in 2018 dus zonnepanelen heeft gekocht, dient deze dus voor 1 juli 2019 terug te vragen.

Wordt het verzoek later gedaan, dan kan bij de Belastingdienst om een zogenaamde ambtshalve teruggave worden gevraagd. Hiervoor geldt een periode van 5 jaar na afloop van het jaar waarin de zonnepanelen zijn aangeschaft. Eigen Huis raadt consumenten echter wel aan om het hier niet op aan te laten komen, omdat deze stap volgens de vereniging met meer onzekerheden is omgeven.

De wijziging is door de staatssecretaris in de officiële publicatie als volgt geformuleerd: ‘Met de wijziging van artikel wordt geregeld dat ook voor belastingplichtigen die niet reeds zijn uitgenodigd tot het doen van aangifte, maar wel een teruggaaf van omzetbelasting wensen (red. zoals consumenten die eigenaar zijn van zonnepanelen), een termijn gaat gelden waarbinnen om een dergelijke uitnodiging moet worden verzocht. Deze termijn wordt gesteld op 6 maanden na afloop van het kalenderjaar waarin het recht op teruggaaf is ontstaan.’

Consumentenbond audit, Solarwatt zeer goed

Geschreven door admin op . Geplaatst in Geen categorie

Een goede manier om de kwaliteit van een fabrikant te controleren zijn fabrieksinspecties een goed instrument. De Consumentenbond voerde in 2015 inspecties uit in de Duitse SOLARWATT-fabriek. De resultaten waren keer op keer positief. Onze zonnepanelenonderscheiden zich daarnaast en als enige in de markt met een uitgebreide all-in garantie en zekerheden. Onze glas-glas zonnepanelen bieden maar liefst 30 jaar product- en vermogensgarantie, hebben geen kans op vochttoetreding, leveren 25 procent meer kWh-en op, hebben een 33 procent langere levensduur en zijn 100 procent PID-vrij. PID is een fenomeen dat optreedt in een zonnepaneel, waarbij een deel van de elektrische lading uit het paneel ontsnapt en waardoor er minder lading in het paneel achterblijft. Hierdoor daalt de spanning van het paneel en bijgevolg het vermogen. PID staat voor “potential induced degradation” of vrij vertaald: verminderd vermogen door potentiaalverschil.

De Consumentenbond test de zonnepanelen op:

  • Controle van de componenten en verbinding van de cellen;
  • Samenvoeging van de diverse componenten;
  • Eindafwerking van het paneel;
  • En een kwaliteitscontrole op het afgegeven paneel.

In totaal werkten veertien zonnepanelenfabrikanten volledig en transparant mee aan het onderzoek.